Sean De Bie is terug na zijn ongeval: “Er staan nog interessante dingen op het programma” - Roompot Charles Cycling Team
Sean De Bie is terug na zijn ongeval: “Er staan nog interessante dingen op het programma”

Ruim honderd dagen na zijn zwaar verkeersongeval in Italië is Sean De Bie klaar voor zijn rentree in het profpeloton. “Ik heb nooit meer dan twee koersen gewonnen in een seizoen. Wie weet zit dat er nog in.” Zondag rijdt hij Schaal Sels, drie dagen later de Druivenkoers in Overijse. 

Op maandag 13 mei belandde Sean De Bie in het ziekenhuis in Brescia nadat hij tijdens een individuele trainigsstage frontaal werd aangereden door een wagen die op zijn rijvak reed. Het verdict was zwaar: zes gebroken ribben, een barst in het borstbeen, een gebroken linkerschouderblad, een breukje in zijn bekken, een gekneusde linkerlong en een gekneusde milt. Vier dagen lag hij op intensieven, pas een dikke week later werd hij naar België gerepatrieerd, waar hem een lang herstel wachtte. Een maand lang zou hij z’n fiets niet aanraken.

De Kempenaar, net voor de tweede maal vader geworden, werkte hard aan zijn rentree. In juli lastte hij een tiendaagse in Livigno in, midden augustus verbleef trainde hij een week in de Vogezen. Nu, ruim honderd dagen na zijn ongeval, is hij eindelijk klaar klaar voor zijn terugkeer in het profpeloton. Zijn laatste wedstrijd, Nokere Koerse, dateert al van 20 maart.

Hoe kijk je nu terug op je ongeval?

“Ik denk sowieso dat ik geluk heb gehad. Het had het waarschijnlijk veel erger geweest kunnen zijn. Er zijn ook geen operaties nodig geweest, alles is zo kunnen genezen. Er zijn nog wel kleine mankementjes, maar niets waar ik te veel last van heb. Ik had natuurlijk gehoopt om sneller in orde te zijn na de val, maar het lichaam zei toch ‘wacht nog maar even’. Mentaal heb ik er me wel bij kunnen neerleggen, want je kan er toch niets aan veranderen.”

Het was de eerste keer dat je zo lang buiten strijd was. Hoe is de revalidatie verlopen?

“Als je terug begint te fietsen, dan wil je direct dat het goed gaat. Dat was wel ambetant. Frustrerend dat je in het begin ‘geen poot’ vooruit geraakt. Ik kon bijvoorbeeld wel trainingen doen van vier of vijf uur, maar ik had dan wel een paar dagen nodig om ervan te recupereren. Vanaf het moment dat ik wist dat ik vijf uur kon trainen zonder dat ik de dag erna helemaal kapot was, kon ik beginnen opbouwen. Dan draait het opeens veel vlotter.”

“Ik ben in juli op hoogte gaan trainen in Livigno. Daar zaten veel profrenners. Je wil dan mee rijden met die mannen, maar hun niveau lag nog te hoog. Toen ik daarna weer thuis was ging het ineens wel veel beter.”

Je zoontje was pasgeboren toen je je ongeval had. Dat maakte het er niet makkelijker op. Ook niet oor je vrouw wellicht.

“Vooral voor mijn vrouw. Het was wel ambetant. Thuis lag ik ook nog eens in een ziekenhuisbed tot een maand na het ongeval. De pijn viel wel mee, maar slapen was moeilijk. Ik kon alleen op m’n rug slapen. Dat waren ook dagen waarin ik vier uur sliep, twee uurtjes voor de middag en twee erna. Ik had nood aan veel rust.”

Je zat tot vorige week in de Vogezen. Wat zei het gevoel op de fiets? Klaar om wedstrijden te rijden?

“Ik denk dat ik koersen aankan nu. De vraag is of ik al finales kan rijden. Omdat ik nog niet gekoerst heb beschik ik wel over fysieke en mentale frisheid. Dat kan een voordeel zijn tegenover de rest van het peloton. Ik heb me vooral beperkt tot duurtrainingen met af en toe een sprintje. De eerste twee uurtjes in de komende koersen zullen het pijnlijkste zijn.”

“Of ik fysiek te kort ga komen? Ik denk het niet. Vorig jaar in Frankfurt had ik vier weken niet gekoerst. Puur op frisheid en een beetje spierspanning werd ik toen vijfde. Kijk naar Nick (van der Lijke, red.) die derde werd in Veenendaal, puur op frisheid en moraal. Meestal is de tweede koers lastiger dan de eerste.”

Voor je ongeval speelde je rug je parten. Is daar nog sprake van?

“Ik hoop dat dat van de baan is. Op training heb ik daar geen last meer van of toch relatief weinig. We zullen zien hoe het in wedstrijden gaat. Het ging beter voor mijn ongeluk, maar ik heb dan niet meer gekoerst. Ik ben toen in mei op stage vertrokken voor tien dagen maar had op dag één al mijn ongeval. Ik heb nu wel een beter gevoel op training dan voor ik op stage vertrok.”

En nu nog het beste uit jezelf halen in wat rest van dit seizoen?

“Ja, ik kan minstens nog een tiental koersen rijden. Voor de GP Jef Scherens in Leuven heb ik altijd een zwak gehad. Daar kom ik gemotiveerd aan de start. Dat kan een eerste doel zijn, maar de wedstrijd is al wel volgende week. Voor de rest… september en oktober zijn normaal niet mijn maanden omdat ik dan al een lang seizoen achter de rug heb. Nu is het eens omgekeerd. Ik ben benieuwd hoe het zal lopen.”

“Normaal volgen er nu altijd wel wat koersen die mij zouden moeten liggen. Meestal ben ik dan al uitgeblust, maar nu heb ik misschien een voordeel. Ik heb nooit meer dan twee koersen gewonnen in een seizoen. Wie weet zit dat er nog in.”

Zondag rijd je de Schaal Sels in Merksem, woensdag de Druivenkoers in Overijse.

“Ik ben de laatste drie jaar niet aangekomen in Overijse. In 2015 werd ik er wel derde. Het parcours is in positieve zin veranderd. Het is een pittige koers. Niet slecht voor mij omdat ik veel duurtrainingen gedaan heb en iets minder het intensieve werk. In zo’n koers komt dat wel terug. Misschien wordt het daar wel moeilijk in de laatste rondes. Het wordt sowieso een goede koers voor mij met het oog op de wedstrijden die volgen.”

“Midden september is er nog een gaatje in mijn agenda en ga ik wellicht nog eens op stage. Naar Spanje dit keer, want tegen dan is het daar aangenaam fietsweer. Ik denk dat er nog veel interessante dingen op het programma staan voor mij, terwijl een groot deel van het peloton het allemaal gehad heeft.”

 

 

Kernwoorden voor Sean De Bie is terug na zijn ongeval: “Er staan nog interessante dingen op het programma”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief